De botsing tussen klassieke afstand en democratische verantwoordelijkheid
Door Peter Vandermeersch
Ik las deze week het stuk van Margaret Sullivan, (Si apre in una nuova finestra) die ik een van de interessantste denkers over journalistiek vind. Ze was mediacolumnist bij de Washington Post, daarvoor ombudsman van de New York Times, en behoort tot die zeldzame stemmen die zowel binnen als buiten grote nieuwsorganisaties de discussie over journalistieke verantwoordelijkheid scherp weten te voeren.
Haar recente bijdrage op Substack, waarin ze schrijft dat Amerika “tragisch veranderd” is, zette me aan het denken. Ze legt een vinger op een journalistiek dilemma dat in 2025 scherper werd: hoe moet onze beroepsgroep omgaan met Donald Trump? Als een uitzonderlijke politieke figuur die uitzonderlijke verslaggeving vereist? Of juist als een gewone politicus, om de journalistieke ethiek van neutraliteit te bewaken?

Voor Sullivan is het duidelijk dat traditionele neutraliteit tekortschiet wanneer een politicus doelbewust instituties, verkiezingsprocedures en de waarheid zelf ondermijnt. Zij schrijft dat de pers zich niet de illusie kan permitteren dat de democratie zichzelf wel overeind houdt. Journalistiek moet alert blijven op pogingen om democratische normen te ondergraven.
Zelfs de traditionele taal van ‘balanced coverage’ kan daarbij misleidend zijn. In haar analyse citeert ze A.G. Sulzberger, de uitgever van de New York Times, die vasthoudt aan een klassiek principe: “Neutrality is a core value. Independence is our North Star.” Het is die overtuiging die Sullivan vandaag in twijfel trekt: wat betekent neutraliteit wanneer één van de spelers het speelveld wil afbreken?
Tegenover Sullivans visie staat een stevige tegenstroom in de Amerikaanse media. Die vindt dat de journalistiek juist trouw moet blijven aan haar klassieke principes van afstand, zorgvuldigheid en professionaliteit. Tot dat kamp behoren onder anderen Ben Smith (Semafor, ex–New York Times), de redacties van Axios en Politico, voormalig Wall Street Journal-hoofdredacteur Gerard Baker, en journalisten binnen NPR en PBS. Zij waarschuwen dat een activistische houding de geloofwaardigheid van de pers ondergraaft, precies omdat ze dan lijkt te bevestigen wat Trump zijn aanhang voortdurend influistert: dat de media in wezen een politieke actor is.

Smith formuleerde het in een interview met The New Yorker bijzonder scherp: “It’s dangerous for journalists to imagine themselves as the last bulwark of democracy. (Si apre in una nuova finestra)” Baker verwoordt dezelfde gedachte nog directer wanneer hij schrijft: “People no longer trust the mainstream media because too many journalists see themselves as political actors rather than reporters of reality. (Si apre in una nuova finestra)” Voor deze stroming moet Trump volgens dezelfde standaarden behandeld worden als elke andere politicus, niet omdat hij normaal handelt, maar omdat de journalistiek geen normen mag oprekken zonder zichzelf te verliezen.
Beide kampen erkennen de ernst van de situatie. Ze zien hoe polarisatie escaleert, hoe instituties onder druk staan en hoe het vertrouwen in media verder afbrokkelt. Maar hun remedies liggen ver uit elkaar. Voor Sullivan en haar medestanders is Trump een democratische uitzondering die een uitzonderlijke aanpak vereist. Voor Smith, Baker en de Axios-school is Trump juist de ultieme test: kan de journalistiek haar eigen regels trouw blijven wanneer ze onder maximale druk staat? “Wie zwijgt, kiest de kant van de macht,” klinkt het in het ene kamp. “Wie strijdt, verliest de geloofwaardigheid die macht kan controleren,” luidt het in het andere.
Het debat dat Sullivan oprakelt, gaat natuurlijk niet alleen over Trump. Het gaat over de kern van journalistiek: hoe verhoudt de pers zich tot macht? Wanneer wordt neutraliteit medeplichtigheid? Staat neutraliteit gelijkstaat aan passiviteit? Duwt een activistische houding het publiek verder weg?
Dat dit debat in 2025 woedt, toont geen zwakte van het vak, maar juist de vitaliteit ervan. Het gaat over een beroepsgroep die worstelt met haar rol in tijden van extreme druk en weigert te vervallen in gemakzuchtige formules.