Passa al contenuto principale

Laat AI niet stelen wat anderen creëren

Waarom auteurs, uitgevers en het Europees Parlement grenzen willen stellen aan generatieve AI

Door Peter Vandermeersch

Op de London Book Fair, die de voorbije dagen werd gehouden, voltrok zich een opmerkelijk tafereel: er werden duizenden exemplaren verspreid van een vrijwel “leeg” boek. Het werk, veelzeggend getiteld Don't Steal This Book, bevat enkel een lijst met de namen van circa 10.000 auteurs, onder wie Nobelprijswinnaar Kazuo Ishiguro, de erg populaire Philippa Gregory en misdaadauteur Richard Osman.

Deze protestactie, georganiseerd door componist en campagnevoerder Ed Newton-Rex, stelde een van de meest dwingende problemen voor de media en de creatieve industrie aan de kaak: de ongebreidelde exploitatie van auteursrechtelijk beschermd werk door generatieve kunstmatige intelligentie (genAI). “De Britse regering mag boekendiefstal niet legaliseren ten gunste van AI-bedrijven”, stond er op de achterflap.

Wat de auteurs terecht aan het grote publiek én beleidsmakers wilden duidelijk maken: de AI-sector is gebouwd op gestolen werk. Grote techbedrijven maken op enorme schaal gebruik van auteursrechtelijk beschermd materiaal om chatbots en beeldgeneratoren te trainen. In de overgrote meerderheid van de gevallen hebben zij daar geen toestemming voor en betalen ze geen vergoeding.

Voor de mediasector is dit probleem existentieel. De ongelicentieerde “scraping” van onze journalistieke content verzwakt het economische fundament onder de journalistiek. In reactie hierop hebben vijf Britse mediagiganten — de Financial Times, The Guardian, The Telegraph, de BBC en Sky News — enkele weken geleden de coalitie SPUR (Standards for Publisher Usage Rights) opgericht, ook wel omschreven als een “NAVO voor het nieuws”. Hun doel is het vaststellen van gedeelde technische standaarden en verantwoorde licentiekaders, zodat AI-ontwikkelaars enkel op legitieme wijze toegang krijgen tot journalistiek van hoge kwaliteit.

De juridische strijd wordt op meerdere fronten gevoerd. De European Publishers Council (EPC), een vereniging van grote Europese mediabedrijven waartoe ook mijn eigen Mediahuis behoort, heeft een formele antitrustklacht ingediend bij de Europese Commissie tegen Google. De klacht richt zich op Googles “AI Overviews” en “AI Mode”. Ook de EPC stelt dat Google zijn dominante positie misbruikt door journalistieke inhoud zonder toestemming of eerlijke vergoeding te gebruiken voor AI-doeleinden.

Volgens de EPC transformeert Google Search hiermee van een doorverwijsdienst naar een “antwoordmachine” die de oorspronkelijke content vervangt en gebruikers binnen het eigen ecosysteem houdt. Dat dreigt vooral kleinere en regionale uitgevers uit de markt te drukken, wat de democratische veerkracht schaadt.

Terwijl de industrie zich organiseert, bevindt de Britse wetgever zich in een delicate fase. De Britse regering is momenteel bezig met een consultatie over een grootschalige herziening van het auteursrecht. Tegen 18 maart 2026 moet zij een economische effectbeoordeling presenteren, evenals een voortgangsverslag over de voorgestelde wijzigingen.

De onrust onder Britse creatievelingen is groot door voorstellen die AI-bedrijven zouden toestaan auteursrechtelijk beschermd werk te gebruiken zonder toestemming, tenzij de rechthebbende expliciet voor een “opt-out” kiest.

Terwijl het Verenigd Koninkrijk zich nog beraadt, heeft het Europees Parlement deze week een beslissende stap gezet. Met een overweldigende meerderheid werd een rapport aangenomen van rapporteur Axel Voss, dat de Europese Commissie oproept wetgeving te initiëren die het auteursrecht herijkt voor het tijdperk van genAI.

Een eerdere campagne van Amerikaanse krantenuitgevers over AO

Het rapport-Voss streeft naar een balans tussen technologische ontwikkeling en de bescherming van intellectueel eigendom. Een centraal punt is de introductie van verhoogde transparantieverplichtingen: AI-aanbieders moeten een gedetailleerde lijst verstrekken van alle gebruikte werken voor training. Om de handhaving te vergemakkelijken stelt het Parlement een “weerlegbaar vermoeden” voor: als een AI-model niet aan de transparantie-eisen voldoet, wordt aangenomen dat het getraind is op beschermd materiaal, tenzij het tegendeel wordt bewezen.

Daarnaast pleit het Parlement voor specifieke bescherming van nieuwsmedia: vanwege hun belang voor de democratie moeten zij volledig worden gecompenseerd wanneer hun verkeer en inkomsten door AI worden omgeleid. Ook wil het Europees Parlement geen auteursrecht op AI-output: inhoud die volledig door AI is gegenereerd, mag niet auteursrechtelijk worden beschermd.

Dat een ander model mogelijk is, bewijst het Nederlandse GPT-NL. Dit transparante taalmodel, waarbij onder meer de Nederlandse krantenuitgevers zijn betrokken, won deze week een Nederlandse Privacy Award omdat het auteursrecht en privacy respecteert door te werken met gelicenseerde archieven van nieuwsbedrijven in plaats van illegale scraping.

Hoewel het wetgevingsproces in de EU nog lang zal zijn, markeren de acties in Londen, de klacht van de EPC en het rapport-Voss stappen in de goede richting. De roep om transparantie, rechtszekerheid en een eerlijke vergoeding vormt nu de kern van de politieke agenda.