Wil jij je Nederlandse woordenschat uitbreiden? In deze video leer je 10 handige werkwoorden met “slaan”: ontslaan, opslaan, doorslaan, omslaan, verslaan, overslaan, afslaan, toeslaan, inslaan en aanslaan. Ik laat je zien wat ze betekenen én hoe je ze gebruikt in echte zinnen, zodat je ze meteen zelf kunt toepassen.
Datum
10.06.2026
Kategorie
Scheidbare werkwoorden
0 Kommentare
Möchtest du den ersten Kommentar schreiben?
Werde Mitglied von Alexia's Everyday Dutch und starte die Unterhaltung.